“Toen ik in maart 2020 corona kreeg, overviel me dat. Had er gewoon geen rekening mee gehouden dat ik het zou krijgen. Ik was heel sportief en deed meerdere keren per week aan spinning. In het nieuws hoorde je vooral over ouderen, mensen met overgewicht of mensen die al ziek waren. Daarom dacht ik: hoe kan dit mij overkomen? Ik ben twee weken heel ziek geweest en erg benauwd geweest. Daarna knapte ik niet echt op. Ik bleef moe, had geen spierkracht meer en viel soms tijdens het eten gewoon in slaap.”
“Dat heeft zeker anderhalf jaar geduurd. Daarna ging het langzaam iets beter, maar ik ben nooit meer helemaal de oude geworden. Sporten zoals ik dat vroeger deed, lukte niet meer. Toch vond ik een nieuw evenwicht. Totdat ik in 2023 voor de tweede keer corona kreeg. Ik voelde meteen dat het weer mis was. Deze keer waren de klachten anders. Ik was minder benauwd, maar had veel meer last van hersenmist. Ik kon niet goed op woorden komen, sprak geen normale zinnen meer en kreeg veel spierpijn en zenuwpijn. Van overprikkeling werd ik ziek.”
“Gelukkig was er toen wel meer hulp mogelijk dan in het begin. Ik heb diverse soorten therapie gehad. Dat heeft wel geholpen. Ook de overprikkeling is in de loop van de tijd minder erg geworden. Maar als ik moe ben, voelt mijn hoofd nog steeds alsof het te vol zit. Dan lukt nadenken gewoon niet meer. De vermoeidheid blijft het moeilijkst. Die gaat met ups en downs. Soms voel ik me een week beter, soms zit ik ineens twee of drie weken in een dip. Dat overvalt me gewoon.”
“Ik probeer toch te blijven werken, een paar uur per dag. Dat helpt me in mijn hoofd. Ik heb gelukkig een fijne werkplek, waar veel begrip is. Ik kan rusten wanneer dat nodig is en er wordt niet aan me getrokken. Dat maakt een groot verschil. Tegelijk heeft post-COVID mijn leven wel kleiner gemaakt. Ik had vroeger een rijk sociaal leven, was altijd actief en veel onder de mensen. Nu moet ik steeds plannen, afzeggen en keuzes maken. Dat is niet altijd makkelijk voor anderen om te begrijpen. Zeker als ze horen dat ik wel werk, maar geen energie heb om een kop koffie te drinken. Dat heeft me ook vriendschappen gekost, en dat doet verdriet.”
“Wat ik misschien nog wel het zwaarst vind, is dat ik niet weet hoe lang dit duurt. Ik weet niet of ik ooit nog helemaal herstel. Er is geen duidelijk punt waar je naartoe leeft. Tegelijk zie ik wel dat ik stapje voor stapje vooruitga. Ik kan weer beter traplopen en ben in de sportschool voorzichtig bezig om meer spierkracht te krijgen. Dat zijn kleine lichtpuntjes die veel betekenen. Ze geven me houvast.”
“Ik heb heel bewust meegedaan aan het NMCB-onderzoek. Niet omdat ik denk dat ik er zelf nog direct beter van word, maar omdat dit onderzoek nodig is. Ik hoop dat het meer duidelijkheid geeft over post-COVID, over de klachten en over wat er in het lichaam gebeurt. Tijdens het onderzoek werd ook Nasa lean test gedaan, waarbij je eerst ligt en daarna tien minuten stilstaand tegen een muur leunt, terwijl hartslag, bloeddruk en klachten worden gemeten om te kijken hoe je lichaam reageert op rechtop staan Die test vond ik heel confronterend, en ik heb er nog lang last van gehad. Toch ben ik blij dat ik heb meegedaan. Ik hoop dat er uiteindelijk een behandeling komt die veilig is, betaalbaar en voor iedereen te krijgen is. Voor mezelf hoop ik vooral dat ik stap voor stap vooruit mag blijven gaan.”