Bij mensen met post-COVID worden steeds vaker afwijkingen in de hartfunctie beschreven. Lange tijd werd aangenomen dat deze veranderingen vooral het gevolg waren van cardiale deconditionering: verlies van conditie door langdurige inactiviteit. In een recente publicatie in het British Journal of Sports Medicine wordt die aanname kritisch tegen het licht gehouden. Aan deze review droegen NMCB-onderzoekers Rob Wüst en Braeden Charlton van de Vrije Universiteit Amsterdam bij.

De auteurs laten zien dat de gevonden cardiale afwijkingen bij post-COVID niet in alle gevallen passen binnen het klassieke beeld van deconditionering. Hoewel inactiviteit bij sommige patiënten kan bijdragen aan conditieverlies, wijzen verschillende studies op aanvullende onderliggende mechanismen.

In cardiopulmonale inspanningstesten wordt bij een deel van de patiënten bijvoorbeeld preload failure gezien: een onvoldoende vulling van het hart tijdens inspanning. Ook zijn er aanwijzingen voor inflammatoire veranderingen en littekenvorming in het myocard bij een subgroep van patiënten. Dat past niet binnen het gebruikelijke patroon van eenvoudige deconditionering.

Daarnaast stapelen de gegevens zich op over mitochondriale disfunctie en endotheeldisfunctie in verschillende weefsels. Verstoorde energieproductie in cellen en beschadiging van de vaatwand kunnen bijdragen aan een verminderde zuurstofopname en een ontregeling van de inspanningsrespons. Of deze processen ook direct in het hartweefsel plaatsvinden, is nog niet duidelijk. Goed gevalideerde diermodellen ontbreken en longitudinale hartbiopten zijn nauwelijks beschikbaar.

Dat betekent niet dat deconditionering geen rol kan spelen. Bij patiënten die langdurig bedgebonden zijn geweest, kan verlies van conditie zeker bijdragen aan klachten. Maar de heterogeniteit van de bevindingen maakt duidelijk dat dit niet het volledige mechanisme verklaart.

Voor de klinische praktijk betekent dit dat vermoeidheid en inspanningsklachten bij post-COVID niet automatisch als gevolg van deconditionering moeten worden geïnterpreteerd. Wanneer bij hartmetingen veranderingen worden gezien, vraagt dat om zorgvuldige beoordeling van de onderliggende cardiovasculaire mechanismen. Lees hier de volledige wetenschappelijke review:


👉        https://bjsm.bmj.com/content/early/2026/02/09/bjsports-2025-111387.long